Classificaties
Brand Classificaties
De brandweer kent verschillende soorten meldingen. Afhankelijk van de meldingsclassificatie zal een incident starten met een bepaald potentieel aan eenheden. Indien nodig wordt er echt opgeschaald en komen er meerdere brandweereenheden ter plaatse. Globaal wordt er bij opschaling het volgende materieel ingezet.
Kleine Brand
Deze kwalificatie wordt gegeven door de bevelvoerder van de tankautospuit. Hiermee geeft hij een bericht aan de alarmcentrale dat hij de brand kan bedwingen met de aanwezige personeelsleden en de tankautospuit en hij dus geen versterking behoeft.
Middel Brand
Deze kwalificatie wordt gegeven door de bevelvoerder van de tankautospuit. Hiermee geeft hij aan in het bericht naar de alarmcentrale dat hij de brand niet kan bedwingen met de aanwezige personeelsleden en de tankautospuit. Hij verzoekt dan aan de alarmcentrale om een nieuwe tankautospuit met bemanning. Bij de melding middelbrand wordt ook nog een Officier van Dienst gewaarschuwd. Deze krijgt bij aankomst op het brandadres de leiding over de 2 aanwezige tankautospuiten.
Grote Brand
Deze kwalificatie wordt gegeven door de Officier van Dienst en of de eerst aankomende bevelvoerder van de tankautospuit. Hiermee geeft hij aan in het bericht naar de alarmcentrale dat hij de brand niet kan bedwingen met de aanwezige personeelsleden en de tankautospuit(en). Hij verzoekt de AC om nog een tankautospuit met bemanning. Bij de kwalificatie grote brand wordt ook een Hoofd Officier van Dienst gewaarschuwd. Door de AC wordt ook een verbindings- / comandovoertuig en de commando container gealarmeerd. Deze voertuigen nemen het berichten verkeer tussen de AC en de voertuigen ter plaatse over, dit om de AC te ontlasten.
Zeer Grote Brand
Deze kwalificatie wordt gegeven door de Officier van Dienst en of de Hoofd Officier van Dienst. Hiermee geeft hij aan in het bericht naar de alarmcentrale dat hij de brand niet kan bedwingen met de personeelsleden en het aanwezige materieel. Hij verzoekt de AC om aanvullend materieel. Dit betekent in de praktijk dat nu het eerste peloton gevormd wordt. De eerste vier aankomende tankautospuiten worden peloton 100 genaamd. Mochten er daarna nog meer voertuigen nodig zijn dan word een tweede peloton opgeroepen en die krijgen dan de code peloton 200. Er is ook nog een derde peloton en dat is het ondersteuningspeloton dat code 300 krijgt. Dit alles tezamen vormt dan een compagnie.